zaterdag 15 november 2014

WEET: Een Magazine voor en door de Onwetenden

Door mijn vorige post over de argumenten van creationistische evolutiebioloog Ruben Jorritsma ontdekte ik toevallig het magazine WEET. Dit is een Christelijk tijdschrift dat wetenschappelijk nieuws brengt vanuit een Bijbels perspectief (over een contradictie gesproken!). Via de website kon je een gratis proefnummer bestellen. Dus heb ik dat maar gedaan en vandaag zat het magazine in de bus. Enkele artikels worden goed gebracht, aangezien ze niet in strijd zijn met het geloof. Maar toch staan er enkele tenenkrommende stukjes tekst in. Een overzicht.

p.13 Update in mensenevolutie
In dit artikel worden enkele recente ontwikkelingen omtrent de menselijke evolutie uit de doeken gedaan. Er worden drie ontdekkingen behandeld: de Neanderthaler, Pygmeestammen in Afrika en de Flores-mens. Over de Neanderthaler is men eerlijk. Nieuwe C-14-dateringsmethoden en DNA-analyses tonen aan dat Neanderthalers vroeger zijn uitgestorven dan gedacht en dat er kruisingen hebben plaatsgevonden tussen de moderne mens en de Neanderthaler waardoor we nu nog stukjes Neanderthaler-DNA in ons genoom vinden. Niets op aan te merken dus, maar dan...

In Afrika zijn twee pygmeestammen ontdekt die hun kleine gestalte te danken hebben aan verschillende mutaties. Een mooi voorbeeld van convergente evolutie. In het magazine wordt het zo voorgesteld: "Volgens onderzoekers heeft deze 'evolutiestap' (in feite een vorm van degeneratie) dus twee keer onafhankelijk van elkaar plaatsgevonden." Dit is een verwijzing naar het boek van creationist Peter Scheele (lid van de redactie trouwens) waarin evolutie wordt gezien als degeneratie. Wat natuurlijk niet waar is. Maar het wordt nog erger! Men vraagt zich af waarom deze stammen zo klein blijven. De onderzoekers denken dat het kleine gestalte een voordeel oplevert in het regenwoud, anders moesten ze zich steeds bukken. WEET legt uit: "Dit proces heet Lamarckse evolutie." Ten eerste is het Lamarckiaanse evolutie en ten tweede is dit een foute interpretatie. Het originele artikel zegt helemaal niets over Lamarckiaanse processen ("These results support longstanding anthropological hypotheses that small body size confers an important selective advantage for human rainforest hunter-gatherers.")


Leden van een Afrikaanse Pygmeestam


Het derde stukje tekst behandelt het debat over de Flores-mens, een kleine mensachtige waarvan fossielen ontdekt zijn op het eiland Flores. Er zijn twee hypothesen: (1) het is een kleine mensensoort die op het eiland ontstaan is, of (2) het is een persoon met Downsyndroom. Dit debat is nog volop bezig en er is nog geen consensus bereikt. Maar in het magazine wordt de hypothese die het best bij hun zienswijze past gevolgd: "Nu blijkt namelijk [...] dat de Flores-mens helemaal geen ontbrekende schakel is, maar een persoon met het syndroom van Down." De hypothese wordt dus voorgesteld als waarheid, wat nog niet het geval is. Verder is de Flores-mens nooit als ontbrekende schakel (of missing link) gezien. Het is mogelijk een zijtakje van de menselijke evolutieboom.


De Flores-mens
p.36-37 Ouderdom van de maan
Dit artikel behandelt het maanstofargument van de creationisten. Dit argument stelt dat er de laag stof op de maan te dun is als de maan miljoenen jaren oud is. In de jaren 90 werd dit argument zowaar door twee creationistische wetenschappers (contradictio in terminis) weerlegd. Zij berekenden dat de dunne stoflaag op de maan perfect verklaard kan worden als je uitgaat van een oude maan. Maar dit artikel bespreekt enkele nieuwe ontwikkelingen (namelijk een studie van Prof. Brian O'Brien) die het maanstofargument nieuw leven zouden inblazen. Ik heb de studie opgezocht en nergens wordt er een woord geschreven over de cijfers die in WEET gepresenteerd worden (namelijk dat er een stoflaag van 3 tot 4,5 kilometer zou zijn). Dus het maanstofargument kan terug in de kast om verder stof te verzamelen...


Te weinig stof op de maan?
p. 49 Bewijs voor de massale uitsterving?
In de rubriek " Vraag en Weet" worden lezersvragen beantwoord. Eentje gaat over het bewijs voor de massale extinctie 65 miljoen jaar geleden door een meteorietinslag. Hoe sterk is dit bewijs? WEET vermeldt twee feiten: (1) de krater in Mexico en (2) de afzettingen in de aardlagen. Deze feiten kunnen (volgens de schrijver) op twee manieren verklaard worden. Een meteorietinslag gevolgd door een tsunami of een wereldwijde vloed. "[W]elke bril je op hebt bepaalt hoe je de feiten interpreteert." Ze vergeten wel te vermelden dat een Bijbelse bril geflankeerd wordt door enorme oogkleppen. Want deze twee feiten zijn slechts enkele waarnemingen die de massa-extinctie bewijzen. Denk bijvoorbeeld aan de vele fossielen of dunne sedimentlaag van Chromium isotopen die veel voorkomen op meteorieten. Ook het tijdstip (65 miljoen jaar geleden) wordt in twijfel getrokken want "er waren toen immers geen wetenschappers bij om dit waar te nemen.
Het is positief dat lezersvragen beantwoord worden, maar doe het dan tenminste eerlijk!

God is geen wetenschap!
Wetenschap heeft een naturalistische methodologie, wat wil zeggen dat wetenschappers enkel onderzoek doen naar natuurlijke processen en geen uitspraak doen over bovennatuurlijke fenomenen. God (of elk ander bovennatuurlijk wezen) heeft dan ook geen plek in de wetenschap. Een leuke anecdote die dit illustreert is het moment waarop de wiskundige Laplace zijn werk aan Napoleon presenteerde. Laplace beschreef het zonnestelsel aan de hand van wiskundige formules, waarop de Franse keizer vroeg waarom God niet vermeld werd. Laplace antwoordde: "I had no need of that hypothesis. (maar dan in het Frans)" Wetenschappers proberen dus niet om het bestaan van God te ontkrachten, maar om de natuur te verklaren zonder de uitleg "God did it." In WEET wordt er desalniettemin meermaals verwezen naar God. 

p. 5 "Er is er maar Een die werkelijk alle kennis heeft. Dat is God. Laten we ons daarom maar aan Zijn regels houden."
p.27 "Iedere zorgvuldig uitgevoerde stap in het proces [metamorfose van vlinder] toont daarbij de wijsheid en macht van de Schepper."
p. 31 "Een sterk staaltje ontwerp!" (over de menselijk voet)
p. 48 "Er is maar een oplossing: het Evangelie." (over de fascinatie voor het kwade)

Het is zeker niet slecht dat wetenschappelijk onderzoek het brede publiek bereikt, maar WEET is zeker geen optie. Het buigt bepaalde ontdekkigen zo om dat ze binnen het Christelijk dogma vallen. Dit is geen wetenschap. Ik heb mijn proefnummer nu gehad en ik denk niet dat ik een abonnement zal nemen...

Recent werd het misleidend karakter van WEET nog aangekaart in het Reformatorisch Dagblad. Gevolgd een reactie van redacteur Jan Rein de Wit, die de onwetendheid (en arrogantie) van de creationisten hiermee nogmaals in de verf zet.

maandag 3 november 2014

Een Creationistische Evolutiebioloog?!

Uitzonderlijk zal deze post in het Nederlands zijn. Vorige week kwam ik toevallig een lezing op Youtube tegen getiteld "Biologische Argumenten voor Evolutie." Op zich niet zo speciaal, maar wel als je weet dat deze lezing plaatsvond op een creationistisch congres... Degene die de lezing geeft (Ruben Jorritsma) is student aan de Universiteit van Wageningen, waar ik momenteel aan mijn PhD werk. Hij stelt zichzelf voor als evolutiebioloog, maar blijkt toch een creationistisch wereldbeeld te hebben. Raar! Waarom zou je iets gaan studeren waarvan je op voorhand al weet dat je het niet zal aanvaarden?



In het filmpje bespreekt hij enkele sterke argumenten voor de evolutietheorie en "weerlegt" ze vervolgens. Ik zal zijn argumenten kort bespreken en vervolgens weerleggen, want zoals steeds zijn het typische voorbeelden van de creationistische werkwijze, zoals cherry-picking, quote-mining en verkeerde interpretaties. De argumenten van Ruben Jorritsma zal ik op deze manier weergeven.

1. Geobserveerde biologische veranderingen
Over het eerste argument kan ik heel kort zijn, want creationisten hebben geen problemen met de veranderingen in soorten die ze kunnen waarnemen. Het kan zelfs opgenomen worden in een creationistisch ontstaansmodel. Hierover is dus geen discussie meer.

2. Biogeografie
Dit vind ik persoonlijk één van de sterkste argumenten voor de evolutietheorie. Alle organismen komen voor op precies de plek waar je ze verwacht op basis van evolutionaire processen. In de lezing wordt het bekende voorbeeld van de Darwin-vinken gegeven. Deze vogels zijn terug te vinden op de Galapagos-eilanden en stammen af van een gemeenschappelijke voorouder die ooit de overtocht vanuit Zuid-Amerika maakte. Jorritsma heeft hier ook geen probleem mee, maar zegt dat de verspreiding van soorten enkel geldt voor lage taxonomische niveaus. Hij zegt dat dit argument nooit gemaakt kan worden voor bijvoorbeeld families. Dit is fout! Het bekendste voorbeeld zijn de buideldieren. Deze groep komt enkel voor op het zuidelijk halfrond (met uitzondering van de oppossums, die via Panama Noord-Amerika bereikt hebben). Hun verspreiding kan enkel verklaard worden vanuit een evolutionair oogpunt. Sterker nog, in combinatie met genetische data en fossielen wordt het verhaal nog mooier. We vinden buideldieren terug in Zuid-Amerika en Australië. Op basis van moleculaire gegevens weten we dat de gemeenschappelijke voorouder ongeveer 40 miljoen jaar geleden leefde, toen Antarctica nog een brug vormde tussen Zuid-Amerika en Australië. Op basis van deze kennis, verwacht je dat er fossielen van buideldieren terug te vinden zijn op Antarctica in grondlagen van ongeveer 40 miljoen jaar oud. En deze fossielen zijn inderdaad gevonden!

Evolutie van Buideldieren


3. Universele Eigenschappen
LUCA (Last Universal Common Ancestor) is ook wat waar creationisten blijkbaar een probleem mee hebben. Op basis van de kenmerken die alle bekende organismen delen, zoals DNA, RNA en celmembranen, kan men LUCA reconstrueren. Dus LUCA wordt bepaald door deze universele kenmerken. En wat zijn universele kenmerken? Wel, die kenmerken die we terugvinden in LUCA. Een cirkelredenering, zo stelt Jorritsma. En dat klopt inderdaad, maar is dit een probleem voor de evolutietheorie? Absoluut niet. Want hij gaat voorbij aan een belangrijk gevolg van deze kenmerken, namelijk de geneste structuur. Naarmate je door de levensboom klimt, kom je steeds kleinere groepen tegen die kenmerken delen. Laten we beginnen bij LUCA. Terwijl we door de boom klimmen, zien we plots organismen met een celkern. Deze groep staat bekend als de eukaryoten. Wat verder merken we dat het leven meercellig geworden is en weer wat verder ontwikkelen de eerste organen zich. Als we ver genoeg doorklauteren, dan komen we uit bij een groep organismen die warmbloedig zijn, hun jongen zogen met melk en beharing hebben: de zoogdieren! Wat ik hier schets, is de geneste structuur die we terugvinden in de natuur. De taxonomische indeling van het leven is hier trouwens op gebaseerd. De positie van LUCA en welke de universele kenmerken zijn, heeft geen invloed op deze structuur. LUCA als cirkelredering is dus een non-argument.

De levensboom met enkele belangrijke kenmerken


4. Volgorde van Fossielen
Dit blijkt een moeilijk gegeven te zijn voor creationisten. Want alle fossielen liggen inderdaad mooi op de verwachte volgorde. Daarom dat Jorritsma er één aspect uitpikt: Precambrische Konijnen. Dit argument is gebaseerd op een uitspraak van J.B.S. Haldane, die stelde dat de evolutietheorie makkelijk weerlegt kan worden als er één fossiel gevonden wordt op de verkeerde plek. Bijvoorbeeld, een fossiel konijn in het Precambrium (toen er nog geen gewervelden waren). Dus zijn creationisten naarstig op zoek naar fossielen op de verkeerde plek.
Jorritsma zegt de volgorde van fossielen geen voorspelling of predictie maar een postdictie is, aangezien het fossielenbestand reeds bekend was in Darwins tijd. Dit is gewoonweg niet waar. In Darwins tijd waren er bijvoorbeeld nog geen fossielen bekend van walvissen en de merendeel van menselijke fossielen werd pas later ontdekt. Heel wat fossielen zijn trouwens gevonden door de logica van de evolutietheorie te volgen (zie hierboven: fossiele buideldieren).
Vervolgens worden er in de lezing verschillende "Precambrische Konijnen" besproken. Het eerste voorbeeld bespreekt vooral een mismatch tussen schattingen gebaseerd op moleculaire data en fossielen. Jorritsma doet het voorkomen alsof wetenschappers hun data zo bewerken dat alles met elkaar overeenstemt. Hij heeft blijkbaar weinig gelezen rond het gebruik van moleculaire klokken. Deze methode is nog steeds vrij controversieel omdat het calibreren zeer moeilijk kan zijn. DNA muteert namelijk niet aan een constante snelheid door diverse factoren, zoals drift en selectie. Daarom dat men voortdurend moleculaire klokken calibreert aan de hand van fossielen. Recent dit nog gedaan voor de mens met behulp van DNA uit een 45,000 jaar oud fossiel. Hierdoor is het dus perfect mogelijk dat bepaalde schattingen in de evolutie veranderen. Dat is eigen aan wetenschap: het gebruiken van nieuwe kennis. In het voorbeeld van het vogelbekdier en de miereneter werd de gemeenschappelijk voorouder geschat op 50 miljoen jaar geleden. De ontdekking van het fossiel Teinolophos bracht deze datum terug tot 120 miljoen jaar. Toegegeven, een grote sprong. Maar ondertussen zijn er nog fossielen gevonden die net wat jonger zijn (in geologische termen), zoals Kollikodon (100 miljoen jaar geleden). Er is ondertussen dus een mooie reeks fossiele tussenvormen, die in de lezing (bewust?) niet vermeld worden.
Er wordt ook een voorbeeld gegeven van vogelafdrukken die zogezegd van voor het ontstaan van de vogels afkomstig zijn. Maar (in tegenstelling tot de vorige voorbeelden) wordt er geen referentie gegeven. Na wat zoekwerk heb ik het originele artikel kunnen vinden. Hierin worden de afdrukken gedateerd op het Trias, een periode voor de evolutie van vogels. De auteurs geven eerlijk toe dat men nog niet weet welk organisme deze pootafdrukken gemaakt heeft en denken aan een theropode met vogelachtige kenmerken. Maar in 2013 zijn de fossielen opnieuw gedateerd. Dit keer blijken ze wel degelijk overeen te komen met de evolutie van de vogels (namelijk in het Eoceen). Deze ontdekking leidde tot het terugtrekken van het originele artikel. Dit alles wordt (bewust?) niet vermeld in de lezing.

Een Precambrisch Konijn


5. Tussenvormen
Het voorbeeld dat hier besproken wordt, is de overgang van tetrapoden ("viervoeters") van het water naar het land. Hiervan is een zeer mooie fossiele reeks bekend, met onder andere Tiktaalik. De fossielen werden allemaal gevonden in aardlagen van 350 à 370 miljoen jaar geleden, in precies de juiste volgorde. Een sterk argument voor evolutie? Ook volgens Jorritsma, totdat hij fossiele pootafdrukken tegenkwam uit een veel oudere periode (zo'n 400 miljoen jaar geleden). Hierdoor moet de transitie naar het land misschien opnieuw gedateerd worden. Op zich is hier niets mis mee, het is perfect mogelijk dat tetrapoden vroeger dan men tot nu toe dacht reeds de overgang naar het land maakten. De fossiele pootafdrukken vertonen overigens geen tekenen van lichamen die over de grond sleepten, wat er mogelijk op wijst dat deze dieren in ondiep water dreven terwijl zij zich met hun poten voortbewogen. Maar de redenering die Jorritsma dan maakt, is foutief. Hij stelt dat "die volgorde [van de bekende fossielen] volledig toeval bleek." De vondst van oudere fossielen doet helemaal niets af aan de volgorde van de bekende fossiele reeks. Dit is een strategie die creationisten graag gebruiken. Zij vinden één detail wat (voorlopig) niet verklaard kan worden en stellen vervolgens dat de hele theorie (of in dit geval fossiele reeks) foutief is. Daarnaast worden er geen andere tussenvormen vermeld, terwijl deze veelvuldig aanwezig zijn in het fossiele bestand. Denk bijvoorbeeld aan de walvissen (zie figuur hieronder).

Evolutie van Walvissen



6. Dom Ontwerp
Tenslotte bespreekt Jorritsma één van mijn favoriete argumenten voor de evolutietheorie, namelijk onintelligent design. Wanneer je bepaalde lichaamsdelen in detail bestudeert, dan blijken daar altijd wel enkele foutjes in te zitten of zijn de structuren niet optimaal ontworpen. Hoe kan het dat een intelligent ontwerper zulke fouten kan maken? Vanuit evolutionair oogpunt is dit makkelijk te verklaren. Evolutie werkt met hetgeen dat beschikbaar is en soms leidt dit tot suboptimale oplossingen. Een mooi voorbeeld is een zenuw die vanuit de hersenen rond de aorta naar de tong loopt. Dit is een serieuze omweg, zeker als je een lange nek hebt zoals bijvoorbeeld een giraf. Waarom loopt deze zenuw niet rechtstreeks naar de tong? Dit kan verklaard worden wanneer men rekening houdt met de evolutionaire geschiedenis van zoogdieren. Deze delen namelijk een gemeenschappelijk voorouder met vissen, die diverse kieuwbogen hebben. Deze kieuwbogen of kieuwspleten hebben doorheen de evolutie nieuwe functies aangenomen. En één van de gevolgen hiervan is dat de tongzenuw nu een omweg moet maken. (Op deze blog vind je een uitgebreide bespreking van de evolutie van kiewspleten.)
Het voorbeeld dat in de lezing besproken wordt, is het menselijke oog. Dit vertoont inderdaad enkele tekenen van slecht ontwerp, zoals de ligging van bloedvaten vóór de lichtreceptoren waardoor we heel wat visuele informatie verliezen. Maar wanneer we beter naar het oog kijken, dan zien we dat het toch zeer slim ontworpen is! Dat is het argument van de creationisten. Jorritsma verwijst hier naar de ligging van Müller cellen, die door de opbouw van het oog op de juiste plek liggen. Door te focussen op een detail dat wel duidt op goed ontwerp, wordt de aandacht weggetrokken van alle tekenen van dom ontwerp. Een listige tactiek. Verder wordt er niet vermeld dat het oog van de octopus veel beter en ingenieuzer in elkaar steekt dan het onze. Waarom zou een schepper ons met een minderwaardig oog toedienen in vergelijking met een weekdier? Zoals ik hierboven reeds aangaf, dit alles is perfect te begrijpen wanneer we de evolutionaire geschiedenis van de mens en de octopus mee in rekening brengen. Beiden hebben het oog via een andere weg ontwikkeld en toevallig is de uitkomst van de octopus net wat beter dan de onze.

Vergelijking tussen het oog van de mens en de octopus


Hoewel het geen slechte poging was om enkele argumenten van de evolutietheorie onderuit te halen, blijkt weer maar eens dat het speldenprikjes zijn, niet meer dan dat. Ik heb al diverse discussies gehad met creationisten en telkens komen dezelfde (reeds weerlegde) argumenten terug. Af en toe komen ze met wat nieuws op de proppen, maar niet veel later is er wel één of andere evolutiebioloog die de tijd vindt om het argument te weerleggen. Hoe je het ook draait of keer, evolutie is een feit en daar zal niet meteen iets aan veranderen. We weten nog niet precies hoe het allemaal precies werkt (daarom wordt er ook nog steeds onderzoek gedaan), maar dat het leven geëvolueerd is daar twijfelt geen enkele wetenschapper aan.

maandag 20 oktober 2014

Cartoon! The Creationist Workplace

I have had this cartoon in my mind for some time now. Finally, I found the time to put it on paper. Enjoy!


woensdag 27 augustus 2014

The (Missing) Link Between the English League Cup and Charles Darwin

A short reflection on football and Darwinian history

Big shock in the English League Cup this week: Manchester United suffered a humiliating defeat (4-0) against Milton Keynes, a club from the third division. But my eye was caught by a more obscure result, Leicester City (newcomer in the Premier League this season) lost 0-1 against Shrewsbury Town (playing in the fourth division!). The only goal of the match was scored by Andy Magan.


Why did this match trigger my senses? Because Shrewsbury is the birthplace of none other than Charles Darwin! Here is a short paragraph from 'The Darwin Family and their Plants at The Mount in Shrewsbury' by Peter Boyd (2006):

"Charles Darwin was born in Shrewsbury on 12th February 1809. His birthplace was a house called 'The Mount' that was built by his father, Dr Robert Darwin, in an elevated position overlooking the town. Charles spent his childhood in Shrewsbury but left it to attend university from 1825-1831 and for his voyage on 'The Beagle' 1831-1836. However, Shrewsbury remained his home and it was Shrewsbury and his family to which he returned between terms from university and after his great voyage. Although he spent most of the rest of his life living in London and Kent, he continued to visit Shrewsbury until his father's death in 1848 and, much later, on a memorable occasion in 1869 - three years after the death of his sister Susan in 1866 and the subsequent sale of The Mount."


Darwin's Birthplace: The Mount in Shewsbury
Unfortunately, Darwin never saw Shrewsbury Town in action, because the club was founded 4 years after his death. I wonder if old Charles would have enjoyed a good game of football...?

dinsdag 12 augustus 2014

The Marvelous Evolution of Brain Size

A reflection on the brain size of the Leader

I am a big fan of Marvel comics. In the Hulk franchise there is a character known as the Leader (Samuel Sterns). This bad guy got bombarded with gamma radiation, which resulted in a super-sized brain and superior intelligence. But is it biologically possible to live with a brain of this size?


When we look at the human fossil record, it is clear that there is an increase in brain size. The early hominids, such as Australopithecus and Paranthropus, have a cranial capacity of about 400 to 500 cc. The first members of our own genus Homo show a quick increase in brain size from 600 (H. habilis) to 800 cc (H. ergaster). Modern humans are endowed with a cranial volume of 1200 cc on average. Men have a slightly higher capacity compared to women, but I won't go into this (precarious) issue.


But have we reached a limit or can human brain size still increase to take the proportions of the leader? Research shows that this is improbable, the size of the brain is limited by the energy intake of an organism. The brain is a very active organ and requires a huge energy input. There appears to be a linear relationship between energetic cost and number of neurons. So, in principle, the brain could increase in size by adding more space between the neurons but keeping the number of neurons constant. However, this would probably not result in an increase in intelligence. So, it might be feasible to get a brain size similar to the Leader, but without the consequent increase in intelligence.

Is the Leader unrealistic? No, because he obviously extracts the needed energy input for his enormous brain from the gamma radiation! So...says...the Leader!

donderdag 12 juni 2014

The End of Evolutionary Theory is Nigh, because Dragons are Real...

A reflection on another creationist failure

Evolution can be refuted very easily by one observation: just find one fossil in the wrong place. The famous J.B.S. Haldane formulated it nicely as discovering "fossil rabbits in the Precambrium". And, guess what, this has never happened! All the fossils that have been found are at the right place, and in the right rocks. For example, nobody has ever found a human fossil next to a dinosaur fossil, because they lived millions of years apart.

But now, one creationist by the name of Darek Isaacs, has found the way to (as he puts it) "demolish the theory of evolution." In his book, Dragons or Dinosaurs he argues that there is evidence that humans and dinosaurs lived side by side. And this undoubtely confirms the truth of the Bible. Another victory for ignorance...

Here is the cover of the book and the abstract:


Dragon legends are found in nearly every culture around the globe. They have been thought to be myths. Yet, mysteriously, these dragons sound a lot like the other giant scaled reptiles, dinosaurs. Could they be one and the same? Surprisingly enough, the answer to this question is a powerful truth that confirms biblical authority and demolishes the theory of evolution. This book brings forth many new theories and evidence that are sure to fascinate the reader.

vrijdag 6 juni 2014

Science on Youtube!

A collection of great Youtube videos

As part of my PhD, I am also obliged to assist in certain courses. Today, one of those courses (Ecological Methods 2) ended with a day filled with student presentations. The students can choose between a classic powerpoint or a Youtube video to present their results. And the groups that choose the latter will be supervised by me or Fred de Boer (the course coordinator). And here are the results from last year and this year! Just click on the links and enjoy.

2013



2014